Vermist
Het huis is leeg. Geen begroeting
bij de deur, geen sporen op mijn jas.
Een stilte waar ik niet aan wen.

Langzaam verdwijnt haar geur
uit de kamers. Ik vind nog haren
in de kussens van de bank.

Het niet weten of er iemand is
die voor haar zorgt, of dat ze
ergens ligt aan de rand van een weg,

is kwellend. Maar hopeloos is
om te zien hoe haar mand ten langen leste
naar de schuur verhuist.

Ted van Lieshout