Heel normaal en onopvallend, dat was zijn jeugd. K. Schippers (pseudoniem van Gerard Stigter) is een geboren Amsterdammer (1936). Een DADA-tentoonstelling in Het Stedelijk Museum in 1958 liet een diepe indruk bij hem achter. In datzelfde jaar richtte hij met Gerard Bron, Henk Marsman (J.Bernlef) en Frits Jacobsen het tijdschrift Barbarber ('tijdschrift voor teksten ' en dus niet als alleen een literair tijdschrift gepresenteerd blad. In dit blad ging het erom elk onderscheid tussen kunst en werkelijkheid, het alledaagse en het bijzondere op te heffen) op.
In 1961 ontmoette hij Jan Hanlo, die van invloed is geweest op zijn werk, evenals de Nul-groep (groep kunstenaars die streefde naar een 'objectieve' kunst. Bekende leden van de beweging waren onder andere Armando (beeldend kunstenaar en schrijver/dichter), Vaandrager en Verhagen).
In 1963 debuteerde Schippers met de gedichtenbundel De waarheid als de koe. Intussen verdiende hij zijn boterham met het schrijven van reclameteksten.
Schippers houdt zich ook bezig met film, fotografie en beeldende kunst. Hij overschrijdt in zijn werk opzettelijk de grenzen tussen de genres.
Schippers heeft meegewerkt aan een groot aantal bladen. In NRC Handelsblad schreef hij over beeldende kunst op de kinderpagina. In 1995 ontving hij een Zilveren Griffel (jaarlijks wordt aan het beste, oorspronkelijk Nederlandse jeugdboek een Gouden Griffel toegekend en aan een aantal andere, waaronder ook in het Nederlands vertaalde boeken, een Zilveren Griffel) voor een bundel artikelen uit NRC Handelsblad, ‘s Nachts op het dak. Vijftig kindervoorstellingen. In 1996 de P.C. Hooftprijs voor zijn essays en in 1999 een Zilveren Griffel voor een bundel artikelen uit NRC Handelsblad, Sok of sprei: Vijftig kindervoorstellingen.