De dichter

‘t Zal altijd een raadsel blijven: was Jotie ’t Hooft (1956-1977) een geniale dichter of niet? Hij bleek al op jonge leeftijd een taalvaardig baasje te zijn, maar school interesseerde hem in het geheel niet. Door aanpassingsmoeilijkheden op de middelbare school vluchtte hij in de poëzie. Daarna kwam hij al heel snel in aanraking met drugs en dat leidde al heel snel tot een bovenmatig gebruik: hij spoot, snoof, rookte dat het lieve lust was. Zijn korte leven draaide dan ook om drugs, dichten en seks.
Op negentienjarige leeftijd trouwde hij in het geniep met Ingrid, de zeventienjarige dochter van uitgever Julien Weverbergh. Deze nam zijn schoonzoon onder zijn hoede. Zijn eerste dichtbundel verscheen onder de titel Schreeuwlandschap, gevolgd door een tweede Junkieverdriet.
Jotie kon echter niet van de drugs afblijven en stal een cheque van de uitgeverij. Toen dat uitkwam, deed hij een zelfmoordpoging.
Hij vertrok daarna samen met Ingrid naar Brussel waar ze zich overgaven aan de drugs. Door het overmatig speedgebruik veranderde zijn karakter. Hij ging Ingrid slaan, die hem uiteindelijk verliet. Op 6 oktober1977 doet hij een geslaagde zelfmoordpoging.