De dichter

Willem Kloos (1859-1938) is misschien wel de belangrijkste dichter van De Beweging van Tachtig, oftewel De Tachtigers. Hij bleef zijn hele leven trouw aan de principes van deze beweging, ook toen de beweging al was opgehouden te bestaan.
Zijn literaire carrière begon in 1879 toen hij debuteerde als criticus onder de schuilnaam Q.N. Rhodopis was het eerste gedicht dat van hem gepubliceerd werd in het maandblad Nederland in mei 1880. Hiermee is tegelijk een literaire stroming geboren.
Hij schreef een inleiding bij een uitgave van de gedichten van Jacques Perk. Deze inleiding is later het manifest van de Beweging van Tachtig genoemd, omdat hierin vrijwel alle kenmerken van de poëzie van deze literaire stroming worden verwoord. Willem Kloos was ook één van de oprichters van het tijdschrift De Nieuwe Gids. De literaire vernieuwing, die deze stroming teweegbracht, is voor een groot deel aan Willem Kloos te danken.
Hij bleef strijden tegen de traditionele poëzieregels en bracht nieuwe leuzen in de literaire wereld zoals: l’ art pour l’ art (kunst moet zijn) en de allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie. Hij is wel enigszins doorgeslagen. Hij voelde zich bijvoorbeeld een god in ’t diepst van zijn gedachten en heeft onder andere daardoor vele literaire vrienden verloren.
In 1900 trouwde Kloos met Jeanne Reyneke van Stuwe en kwam in Den Haag terecht, waar hij bleef wonen tot aan zijn dood in 1938.