De dichter

Zij stoort zich alleen aan zichzelf. Ze is volkomen onafhankelijk en laat zich door niemand beïnvloeden zei de dichter Roland Holst. De jonge vrouw over wie hij deze woorden sprak, was Neeltje Maria Min (1944). De school trok haar helemaal niet en al op haar veertiende stopte ze ermee. In die tijd begon ze gedichten te schrijven en vele jaren later merkte ze daarover op: Ik kan me niet voorstellen dat ik zo'n gruwelijke puberteit doorgekomen was zonder.
Haar eerste gedichten verschenen in een dagblad. In 1966 kwam haar dichtbundel Voor wie ik liefheb wil ik heten uit. Sommige mensen konden niet geloven dat een zo jonge vrouw zulke sombere gedichten kon schrijven. Anderen dachten dat een bekende dichter onder schuilnaam een grapje wilde uithalen.
De bundel werd een enorm succes. In de loop van de jaren zijn er duizenden exemplaren van verkocht. Veel van haar gedichten hebben de moeizame relatie kind - ouders tot onderwerp, ook in haar latere bundels Een vrouw bezoeken en Kindsbeen.