Het gedicht

Wat zou Ida Gerhardt willen zeggen met Finis? Wat heeft zij vroeger uitgespookt? Zij schaamt zich diep, want Nog kan ik donker vervaren. Hier geeft zij aan, dat zij nog steeds kan blozen om wat zij heeft gedaan. Degene die het trof is desondanks bij haar gebleven, want zij kan vragen Wat ziet gij, liefste, mij aan?
Het is duidelijk dat alleen de zij en gij weten van het kwaad en zij is de ander heel dankbaar. De ander heeft het kwaad door liefde te niet gedaan. Met andere woorden: door liefde te geven en te vergeven is het donkere verdwenen.