Het gedicht

Dat dit gedicht niet kortgeleden is geschreven, is wel duidelijk. Kijk maar eens naar het taalgebruik. Toch laat het gedicht zich goed lezen en het is ook niet zo moeilijk te begrijpen. Er wordt gebruik gemaakt van beeldspraak maar er is ook sprake van beelden uit de werkelijkheid.
De eerste twee regels geven eigenlijk - in beeldspraak - weer, waar de dichter over wil schrijven: iets moois (bloemen in de knop) is alweer vergaan, voordat het tot bloei kon komen. Hij verwoordt hiermee zijn ervaring van het korte moment dat hij zijn geliefde ziet. Voordat het echter tot een samenzijn kon komen, is het moment alweer voorbij. Er is niets gebeurd, de dichter blijft eenzaam achter. De dichter vindt het nodig om dit moment nog eens vast te leggen door middel van een vergelijking. Nu is het een vogel die zich vergist in de tijd: hij denkt dat het al dag wordt en wil zijn morgenzang inzetten. Als hij zijn vergissing inziet, smoort zijn gezang zich in een zwakke klacht. Niets blij gezang: het moment is alweer voorbij voordat het is begonnen.